Goud heeft in 2025 bijna 51 keer een nieuw record gebroken - ruwweg eens per week. Het jaar eindigde op ruim 4.300 dollar per troy ounce, een stijging van meer dan 50% in twaalf maanden. Inmiddels noteert de prijs rond de 4.500 dollar, en analyses van Goldman Sachs en Deutsche Bank wijzen op een mogelijke doorstoot naar 5.400 tot 6.000 dollar voor eind 2026. Maar hoe profiteer je als gewone belegger van die opmars, zonder goudstaven thuis in de kluis te leggen?
Waarom de prijs zo hard blijft stijgen
Achter de stijging zitten meerdere krachten die elkaar versterken. Centrale banken kopen goud in recordhoeveelheden: China, Rusland en India bouwen al jaren goudreserves op om minder afhankelijk te worden van de dollar. De World Gold Council berekende dat centrale banken in 2025 gezamenlijk meer dan 1.000 ton goud aankochten - voor het derde jaar op rij boven die grens.
Tegelijkertijd zorgt geopolitieke onzekerheid - handelsconflicten, regionale spanningen, de schuldpositie van de VS - voor een constante instroom van beleggers die een veilige haven zoeken. Goud profiteert daarbij van iets fundamenteels: het is eindig. Er valt geen extra goud bij te drukken als een centrale bank dat handig vindt. Zolang de zorgen over inflatie en valuta-instabiliteit niet verdwijnen, houdt die eigenschap zijn aantrekkingskracht.
Optie 1: fysiek goud kopen
De meest directe manier is een goudmunt of goudstaaf via een erkende dealer zoals Goudwisselkantoor of Holland Gold. Je betaalt de spotprijs plus een opslag voor muntslag, verpakking en winstmarge - reken op 2 tot 5% boven de marktprijs bij een gangbare gouddukaat of 10-gram staaf.
Het voordeel: je hebt iets tastbaars in handen. Geen tegenpartijrisico, geen broker die failliet kan gaan. Het nadeel: je moet het ergens veilig bewaren. Thuis in een kluis kost geld en verhoogt je verzekeringspremie; een kluisdienst bij een bank rekent jaarlijkse opslagkosten van 0,1 tot 0,5% van de waarde.
Fysiek goud is verstandig als je een substantieel bedrag belegt en de rust wil die tastbaar bezit geeft. Voor bedragen onder de 5.000 euro wegen de bijkomende kosten relatief zwaar.
Optie 2: goud-ETF's en ETC's
De makkelijkste manier om goud aan je portefeuille toe te voegen, is via een ETF of ETC op je gewone beleggingsrekening bij DeGiro of een andere broker. Je koopt een product dat de goudprijs volgt, zonder het metaal fysiek in bezit te krijgen.
Twee populaire keuzes voor Europese beleggers:
- iShares Physical Gold ETC (SGLN) - groot, liquide, jaarlijkse kosten van slechts 0,12%
- Xetra-Gold - verhandelbaar op de Frankfurter Börse, technisch gezien een schuldtitel met volledige gouddekking
Let bij de keuze op het valutarisico: goud noteert in dollars, maar als de dollar ten opzichte van de euro daalt, eet dat in op je rendement als euro-belegger. Sommige ETF's bieden een euro-afgedekte variant aan, al kost die afdekking ook iets.
Wil je meer weten over beleggen via ETF's in het algemeen? Lees ook waarom zoveel Nederlanders één wereldwijd ETF gebruiken als fundament van hun portefeuille.
Optie 3: aandelen in goudmijnbedrijven
Wie bereid is meer risico te nemen en daarvoor een hoger potentieel rendement zoekt, kan kiezen voor aandelen in goudmijnbedrijven als Barrick Gold of Newmont. Deze aandelen bewegen doorgaans harder dan de goudprijs zelf: stijgt goud met 10%, dan stijgt het aandeel van een winstgevend mijnbedrijf vaak 20 tot 30%, omdat de winstmarge per geproduceerde ounce fors toeneemt.
De keerzijde: je draagt ook bedrijfsrisico. Hogere productiekosten, stakingen bij een mijn of slecht management kunnen de koers drukken terwijl goud zelf stijgt. Wil je spreiden over meerdere bedrijven, dan biedt de VanEck Gold Miners ETF (GDX) een positie in tientallen goudmijnen tegelijk.
Ben je nog nieuw met aandelen en ETF's? Het is slim om eerst de basis op orde te hebben. Bekijk daarvoor onze gids voor startende beleggers voordat je in een nichemarkt als goudmijnen stapt.
Hoeveel goud hoort er in je portefeuille?
De meeste vermogensbeheerders adviseren een goudpositie van 5 tot 10% van je totale beleggingsportefeuille. Niet meer, want goud betaalt geen dividend, keert geen rente uit en heeft geen winstgroei. Het beschermt tegen crises en inflatie, maar brengt op zichzelf geen cashflow mee.
Zit je al in aandelen, obligaties en misschien wat vastgoed, dan werkt een goudpositie als buffer: als aandelenmarkten kelderen, houdt goud zijn waarde of stijgt het juist. Dat verkleint de totale schommeling van je portefeuille. Zie het als een verzekering die ook nog eens rendement kan opleveren - maar niet als fundament van je vermogen.
Wacht niet op het ideale instapmoment
De vraag die elke belegger bij een recordhoogte stelt: is het nu te laat? Het eerlijke antwoord is dat niemand de top kan aanwijzen. Historisch gezien houdt goud het langst zijn waarde in periodes van economische onzekerheid - en die periode is nog niet voorbij. De drijfveren achter de stijging - centrale bankkopers, geopolitiek, schuldproblematiek in de VS - zijn geen tijdelijke grillen.
Wat wél verstandig is: beleg niet alles in één keer. Door elke maand een vast bedrag in te leggen, koop je automatisch meer bij een lagere prijs en minder bij een hogere - zonder dat je de markt hoeft te timen. Houd je aan de 5 tot 10% grens en zie het als onderdeel van een bredere strategie. Wie dat doet, hoeft de koers van morgen niet te kennen om verstandig te beleggen.